Pijnbestrijding

Elke bevalling doet pijn, maar de verschillen in pijnbeleving tussen vrouwen zijn groot. De pijn in de onderbuik (en soms rug en benen) wordt veroorzaakt door het samentrekken van de baarmoeder (weeën) tijdens de ontsluitingsfase. Tussen de weeën door is er vaak een (pijnloze) rustperiode. Naarmate de ontsluiting vordert, duren de weeën langer en worden de pauzes korter.

Wij zullen ervoor waken dat de bevalling niet te lang gaat duren. Je moet niet uitgeput raken want dan ben je niet meer in staat om de weeën goed op te vangen.

Tijdens de ontsluitingsweeën helpt het om regelmatig te veranderen van houding. Ook het nemen van een bad of douche bevordert de voortgang, verhoogt het comfort en vermindert de behoefte aan pijnbestrijding met medicamenten. Het is prettig als er iemand is die je continue kan ondersteunen, dit kan je partner zijn, maar wij kunnen ook de kraamverzorgster vragen te komen als het nodig is.

In de meeste ziekenhuizen in de regio is 24 uur per dag een ruggenprik beschikbaar. Als het nodig is kunnen we je verwijzen naar een van de ziekenhuizen. In de regio is ook remifentanil beschikbaar. Tijdens het spreekuur krijg je meer uitleg over pijn tijdens de bevalling.

Je hebt in het ziekenhuis  drie vormen van pijnbestrijding:

  • Ruggenprik (epiduraal)
  • Pethidine (opiaat)
  • Remifentanil (opiaat)

Ruggenprik

De epidurale anesthesie wordt door de anesthesioloog gegeven. Als voorbereiding krijg je een infuus met extra vocht en wordt de conditie van het kind bewaakt met behulp van een hart filmpje (CTG). De anesthesioloog brengt via een katheter(slangetje) een verdovingsvloeistof in de ruimte tussen de ruggenwervels. Hier lopen de zenuwen die pijnprikkels van de baarmoeder en bekkenbodem vervoeren. Door het inspuiten van de vloeistof worden deze zenuwen uitgeschakeld, waardoor de pijn veel minder wordt waargenomen. Aangezien hier ook de zenuwen lopen die naar de spieren van de benen gaan, kan ook de spierkracht hier afnemen. Ook het gevoel in de benen en onderbuik zal minder worden.

Na het inbrengen van de katheter werkt de verdoving na ongeveer 15 minuten. Regelmatig worden bloeddruk, pols en urineproductie gecontroleerd. Ook wordt in de gaten gehouden of de pijnstilling voldoende is. De dosis wordt met een pompje op maat gedoseerd. Je krijgt voor deze pijnbestrijdingsmethode een infuus, een blaaskatheter en een bloeddrukmeter om de arm.

Verloop van de bevalling

Na een epidurale verdoving is het mogelijk dat je minder pijn of helemaal geen pijn hebt tijdens de ontsluitingsfase of tijdens het persen. Je bent je bewust van de weeën, maar je voelt geen pijn meer. De verdoving vermindert als er (bijna) volledige ontsluiting is, zodat je de persdrang weer kunt voelen en je optimaal kunt persen. Soms duurt het een tijdje voordat de spontane persdrang op gang komt. De uitdrijvingsfase kan hierdoor wat langer duren. Net als bij elke bevalling kan dan een kunstverlossing nodig zijn. Bij een evt. keizersnede zal de anesthesioloog een daarbij passende pijnbestrijding kiezen.

Bijwerkingen

Pijnbestrijding is niet zonder risico’s. De bloeddruk kan dalen, de blaasfunctie kan verminderen en soms krijg je jeuk of kun je gaan rillen. Ook kun je koorts krijgen; om vast te stellen of de koorts door de pijnbestrijding of door een infectie wordt veroorzaakt, moet je kindje dan worden opgenomen op de kinderafdeling.

Is een ruggenprik altijd mogelijk?

Nee. Epidurale pijnbestrijding wordt niet gegeven bij stoornissen in de bloedstolling, bij infecties, bij sommige neurologische aandoeningen en bij afwijkingen of eerdere operaties aan de wervelkolom.

Pethidine

Pethidine is een morfineachtige stof die door middel van een injectie wordt toegediend. Na ongeveer een kwartier begint het middel te werken en het duurt 2 à 4 uur tot het is uitgewerkt. De ergste pijn wordt minder waardoor het ontspannen tussen de weeën door beter gaat en de ontsluiting sneller vordert.

Verloop van de bevalling

Er is altijd (tijdelijk) bewaking nodig van je kind met behulp van een hartfilmpje (CTG). Pethidine mag niet vlak voor de geboorte worden gegeven en ook niet wanneer er twijfel is over de conditie van je kind.

Bijwerkingen

Pethidine maakt slaperig en duf, wat je als negatief zou kunnen ervaren. Ook je ongeboren kind kan er slaperig van worden, waardoor het moeilijker is om de conditie van het kind te beoordelen.

PCA (patiënt gecontroleerde analgesie)

Remifentanil

PCA is een infuuspomp met een morfine preparaat (Remifentanil). Met een simpele druk op de knop kun je zelf bepalen wanneer je een dosis van deze kortwerkende pijnstiller neemt. De pijnstilling duurt een minuut per dosis en is daardoor uitstekend om weeën op te vangen. De pomp is aangesloten op een computer, die ingesteld is op een maximumdosis. Je kunt jezelf daardoor nooit te veel toedienen.

Verloop van de bevalling

Met Remifentanil ben je niet helemaal pijnvrij, maar zal de pijn dragelijk worden. Vlak voor de geboorte van je kind wordt de pomp stopgezet.

Bij deze methode krijg je een infuus, wordt het zuurstofgehalte in je bloed gemeten met een sensor in een “knijper” op je vinger, en wordt je ongeboren kindje in de gaten gehouden met behulp van een hartfilmpje (CTG).

Bijwerkingen

Remifentanil is een kortwerkende pijnstiller en heeft dezelfde bijwerkingen als Pethidine. Ook bij Remifentanil gaat er een kleine dosis naar je kind. Doordat het middel weer snel uit het bloed verdwijnt, zijn er na stoppen van toediening geen bijwerkingen voor jou en je kind te verwachten en wordt je kind helder en wakker geboren.

Let op

Aangezien de toestand van zowel moeder als kind tijdens het toedienen van pijnbestrijding regelmatig gecontroleerd dient te worden, kunnen deze vormen van pijnbestrijding alleen worden toegepast in het ziekenhuis.

Lees voor meer informatie de folder: Hoe ga je om met pijn van de KNOV.